Hieronder een ingevuld voorbeeld over een fictieve bewoner, met bij elk onderdeel kort waarom het erin hoort. Een model om over te nemen en aan te passen.
Vaste gegevens
"Datum: 12-6-2026, late dienst (15.00 tot 23.00 uur). Cliënt: mevrouw Vera, kamer 12. Gerapporteerd door: Nora, verzorgende IG."
Dit lijkt een formaliteit, maar het maakt navolgbaar wie wat wanneer waarnam. Bij een vraag of een overdracht weet je precies wie je kunt aanspreken. Schrijf voluit wie je bent, geen initialen of alleen een paraaf.
Observatie
"Mevrouw Vera was vanmiddag stiller dan haar gewoonte. Ze bleef na het koffiemoment op haar kamer en deed niet mee aan de activiteit. Bij het avondeten at ze ongeveer een kwart van haar bord."
Beschrijf gedrag en feiten, niet je interpretatie. "Stiller dan haar gewoonte" en "at een kwart" kan een collega controleren; "had een sombere dag" niet. Vermijd vage woorden als steeds en vaak.
Beleving van de cliënt
"Mevrouw zei: 'Ik ben gewoon moe vandaag, laat me maar even.' Op de vraag of ze pijn had, antwoordde ze van niet."
Houd wat de cliënt zelf zegt gescheiden van je eigen waarneming, en citeer waar het kan. Zo is voor de volgende lezer duidelijk wat van de cliënt komt en wat jouw observatie is.
Ondernomen acties
"Extra langsgegaan rond 20.00 uur; mevrouw lag rustig in bed. Vochtinname aangeboden (een beker thee, half opgedronken). Afgeweken van de afspraak om te douchen; in overleg met mevrouw verzet naar morgenochtend."
Koppel de actie aan de observatie, en leg uit waarom je afwijkt van het zorgplan. Een actie zonder waarom is later niet te volgen, en juist het afwijken hoort vastgelegd.
Bijzonderheden en signalen
"De dochter van mevrouw gebeld over de verminderde eetlust; zij belt morgen terug. Temperatuur gemeten: 37,1. Geen verdere bijzonderheden."
Dit is waar de volgende dienst als eerste naar kijkt. Benoem veranderingen, incidenten en afspraken concreet en kleur ze niet in. Een leeg veld is prima als er niets bijzonders was.
Aandachtspunt voor de volgende dienst
"Let morgenochtend op de eetlust en het vochtgebruik; bij opnieuw weinig intake overleggen met de arts. Douchen staat nog open."
Sluit af met wat de collega morgen moet doen of zien. Dit maakt van je rapportage een overdracht in plaats van een logboek, en zorgt dat een signaal niet tussen de diensten verdwijnt.
Een voorbeeld invullen is één ding. Weten waar het meestal misgaat, is het andere.